Blogopmaak

Koninginnenteelt in de dop

Ferry

Overlarven op bijenschans Corversbos

Bijenschans Corversbos is het zoemende, historische hart van imkervereniging Hilversum en Wijdemeren. Afgelopen zaterdag (13 juni) hebben we hier onder leiding van Jur met een aantal imkers, 30 larfjes overgelarfd. Bij dit overlarven worden larfjes van één dag oud heel voorzichtig uit de raat gelicht en overgezet in dopjes. Deze dopjes worden vervolgens 24 in een starter geplaatst waar ze door de jonge werkbijen rijkelijk worden voorzien van koninginnegelei (“aangeblazen”). 

Vierentwintig uur later gaan ze de pleegvolken in om verder te worden verzorgd en uit te groeien tot mooie koninginnen. Maar daar moeten nog een aantal vervolg stappen voor worden genomen.

Waarom al die moeite?

Er zijn veel soorten bijen. De bij waarmee in Nederland wordt geimkerd is de honingbij. Er zijn binnen de soort honingbij weer verschillende rassen te onderscheiden. De imkers van onze vereniging werken vooral met Carnica of Buckfast.

Aangezien we regelmatig moeten werken in de bijen, is het prettig om lieve / rustige bijen te houden. Binnen de rassen vindt selectie plaats, waardoor de raszuiver bijen onder andere prettig in de omgang zijn, goed honing halen en niet snel ziek worden. Vergelijk het maar met de Labrador.

Deze eigenschappen worden zowel door de koningin als door de darren doorgegeven aan de volgende generatie. Omdat generaties elkaar snel opvolgen treedt snel bastaardisering op. Imkeren met “vuilisbakkies” hoeft helemaal geen probleem te zijn, maar je weet van tevoren niet waarmee je in zee gaat. Maar als het mis gaat in een bewoonde omgeving, wordt imkeren met stekerige bijen snel onwerkbaar.

Om dit probleem te voorkomen, worden koninginnen geteeld van raszuivere moeren.

De kans dat deze moeren “lieve” bijtjes grootbrengen is aanzienlijk en zo zijn we dan in ons doel geslaagd: imkeren met prettige bijen.
Ingebouwde doppen
door Ferry 27 juni 2020
Deel 2 van de serie over koninginnenteelt op bijenschans Corversbos
Share by: